Tuinkunst lezing over Pieter de la Court

Op vrijdag 21 juni is er in het nieuwe Schuytenhuis achter in de rozentuin van Berbice opnieuw een boeiende lezing met de titel “Liever Voorschoten dan Versailles”. Die van vorig jaar was uitverkocht.
Aanmelden voor de lezing, die inclusief een consumptie slechts € 10 kost, kan door een mail te sturen naar info@vriendenvanberbice.nl. De lezing begint om 20 uur.

Bezoekers zullen zich door de lezing van Marjoleine Kooper-Huigen en een sfeervolle avondwandeling daarna moeiteloos terug wanen in het boeiende verleden van de buitenplaats. Men maakt op een unieke manier kennis met Pieter de la Court van der Voort, bewoner van Berbice tussen 1688 en 1716.

De rijke Leidse lakenkoopman Pieter de la Court van der Voort bezat, naast een statig pand aan het Rapenburg in Leiden, tevens twee buitenplaatsen: Allemansgeest (nu Berbice) in Voorschoten, en tevens het inmiddels verdwenen Meerburg bij Zoeterwoude. Tijdens zijn leven was hij bekend als kunstverzamelaar en had van huis uit een passie mee gekregen voor de tuinkunst als onderdeel van het leven op de buitenplaats. Hij beschikte over de financiële middelen om op dat gebied experimenten uit te voeren en ontwikkelde zich in de loop van zijn leven tot een autoriteit op het gebied van tuinieren.

In augustus van het jaar 1700 schreef Monsieur De la Court van der Voort brieven aan zijn familie over zijn bezoek aan het Versailles van Lodewijk XIV, waar hij de zomerse tuinen van de Zonnekoning met een kritische blik in ogenschouw neemt. “Welwaarde oom”, schreef Pieter, u kunt wel “voorseekert zijn Allemansgeest van mijn Parijse reys zal niet gebeetert werde, want om koste komt met mijn beurs ook niet mijn inclinatie overeen.”

Wie is deze opmerkelijke Leidenaar die zo duidelijk kan stellen dat hij zijn eigen buitenplaats Allemansgeest verkiest boven Versailles? Zijn ervaring met het tuinieren op de buitenplaats bracht hem er zelfs toe een levenswerk te schrijven dat twee jaar voor zijn dood gepubliceerd werd en vervolgens in meerdere talen zou worden uitgegeven. Dit boek wordt nog altijd gezien als een ijkpunt in de Nederlandse tuingeschiedenis.